De lagen van de Stack
De laag 'Grondstoffen' omvat alle materialen die nodig zijn om digitale producten, diensten en systemen te creëren, zoals silicium, koper en goud. Het omvat ook de energie en de fysieke ruimte die nodig zijn om deze producten, diensten en systemen in stand te houden. Alle digitale fenomenen, zoals smartphones, databases of sociale medianetwerken, zijn afhankelijk van deze fundamentele hulpbronnen.
Gerelateerde vragen:
– Vereist het digitale product, de dienst of het systeem schaarse hulpbronnen?
– Zijn de energievereisten evenredig met het gebruiksdoel?
De laag 'Harde infrastructuur' omvat alle hardware die nodig is voor digitale opslag (e.g. harde schijven), rekenkracht (e.g. centrale verwerkingseenheden), transmissie (e.g. glasvezelkabels) en waarneming (e.g. microfoons).
Gerelateerde vragen:
– Van welke harde infrastructuur maakt het digitale product of de dienst gebruik?
– Wat gebeurt er als de harde infrastructuur uitvalt? Welke veiligheidsmaatregelen zijn er getroffen?
De laag 'Zachte infrastructuur' verwijst naar de middleware, netwerkprotocollen en besturingssystemen die elk digitaal netwerk ondersteunen. Deze laag definieert hoe computers en andere apparaten met elkaar communiceren en hoe verschillende belanghebbenden kunnen samenwerken.
Gerelateerde vragen:
– In welke mate zijn digitale producten of diensten afhankelijk van een breder netwerk van hardware of diensten?
– Zo ja, hoe beïnvloeden deze onderlinge afhankelijkheden de machtsverhoudingen tussen belanghebbenden?
De laag 'Data' omvat de opslag, verwerking en presentatie van informatie. Een digitaal systeem kan werken met contextuele gegevens (zoals locatie en tijd) en persoonlijke gegevens (zoals menselijk gedrag en emoties). Het volume, de variëteit en de kwaliteit van deze gegevens zijn belangrijke factoren om te overwegen bij het beoordelen van deze laag. Ze hebben ook een aanzienlijke invloed op de kwaliteit van slimme algoritmen.
Gerelateerde vragen:
– Welke soorten gegevens zijn nodig om het digitale product of de dienst te laten functioneren?
– Waar worden de gegevens opgeslagen en wie heeft toegang tot de gegevens?
De laag 'Intelligentie' houdt zich bezig met de toepassing van kennis en vaardigheden, zoals voorspellende algoritmen die gebruikmaken van enorme hoeveelheden data. Dergelijke algoritmen kunnen bijvoorbeeld beelden, stemmen en spraak herkennen en begrijpen, wat vervolgens kan worden gebruikt om slimme functies aan een eindgebruiker aan te bieden, zoals een spraakassistent.
Gerelateerde vragen:
– Hoe nauwkeurig is een model en hoe kunnen we die nauwkeurigheid beoordelen?
– Leveren de algoritmen eerlijke resultaten op, zonder de ene groep gebruikers boven de andere te bevoordelen?
De laag 'Applicaties' omvat diensten en platforms die toegankelijk zijn voor een gebruiker. Applicaties maken gebruik van (ruwe) data en intelligentie, vaak in samenwerking met andere diensten of belanghebbenden. Voorbeelden zijn digitale communicatie, handel en entertainment.
Gerelateerde vragen:
– Wat biedt de technologie aan de eindgebruiker?
– Welke dienstverleners zijn actief binnen de specifieke sector?
– Wat gebeurt er als de applicatie uitvalt?
De laag 'User interfaces' omvat de manier waarop gebruikers met een digitale applicatie communiceren. De laag bestaat uit veel verschillende technologieën en interactie kan plaatsvinden via verschillende modaliteiten, zoals visie (e.g. schermen), spraak (e.g. spraakassistenten), audio (e.g. draadloze oortjes) en gebaren (e.g. 3D-camera's). De interface zorgt voor een tweerichtingsinteractie; het presenteert digitale informatie en ervaringen aan de gebruiker, maar verzamelt ook gegevens van gebruikers en hun omgeving.
Gerelateerde vragen:
– Hoe communiceert de technologie met haar gebruikers?
– Is de technologie geschikt voor de doelmarkt?
– Wat laat de interface zien? Wat houdt de interface verborgen?
De laag 'Smart habitat' houdt zich bezig met de steeds slimmer wordende omgeving waarin we leven. Onze slimme leefomgeving wordt in stand gehouden door geavanceerde en grotendeels geautomatiseerde digitale systemen. Hierdoor is deze omgeving in toenemende mate dynamisch en responsief, en in staat om waardevolle data te genereren. Onze digitale leefwereld kan ons bovendien voorzien van diensten en informatie via een interface.
Gerelateerde vragen:
– Hoe veranderen digitale platforms de eisen van mensen met betrekking tot het product of de dienst?
– Wat is de economische impact van digitale technologie?
– Hoe transformeert digitale technologie onze gebouwde omgeving?
De laag 'Neo-collectives' omvat de nieuwe culturele en organisatorische structuren die ontstaan binnen de digitale samenleving. Voorbeelden hiervan zijn nieuwe sociale en politieke bewegingen, maar ook groepen particuliere beleggers of fans van een specifieke artiest of sportploeg.
Gerelateerde vragen:
– Hoe ontstaan nieuwe groepen virtuele culturen en hoe organiseren zij zich?
– Hoe kunnen specifieke stemmen hun ideeën uiten en verspreiden via digitale middelen?
– Hoe beïnvloedt de internetcultuur het dagelijks leven?
De laag 'Neo-governance' omvat nieuwe institutionele structuren die voortvloeien uit de digitalisering van de samenleving. Voorbeelden hiervan zijn nieuwe digitale vormen van participatie, besluitvorming en handhaving. Deze nieuwe structuren hebben een directe impact op alle lagen van de 'Stack'.
Gerelateerde vragen:
– Kunnen we wet- en regelgeving vertalen naar computercode?
– Hebben we antitrustwetten nodig om de marktmacht van app stores te doorbreken?
– Hoe verandert digitale technologie onze visie op organisaties en bedrijven?